Uitspraak
de vader,
[verweerder1]en/of
[verweerder2],
1.[de dochter1] ,
[de dochter1],
2.[de zoon] ,
[de zoon],
3.[de dochter2] ,
[de dochter2].
1.Het geding in eerste aanleg
Het geding in hoger beroep
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft een hoger beroep tegen de beschikking van de kantonrechter die de dochter onder curatele stelde en de broers tot curatoren benoemde. De vader verzocht om vernietiging van deze beschikking en benoeming tot bewindvoerder of curator, maar het hof oordeelde dat de ondercuratelestelling passend is gezien de lichamelijke en geestelijke toestand van de dochter.
Het hof stelde vast dat de dochter haar belangen niet adequaat kan waarnemen en dat een ondercuratelestelling meer bescherming biedt dan een onderbewindstelling, mede door de noodzaak van verzorging en niet-vermogensrechtelijke belangen. De broers hebben in de afgelopen periode financiële orde geschapen en positieve ontwikkelingen in de zorg voor de dochter gerealiseerd.
Vanwege de moeizame relatie tussen de vader en zijn kinderen, zijn de broers beter geschikt als curatoren. De vader heeft een beperkte beschikbaarheid, verblijft regelmatig in het buitenland, heeft een complexe financiële situatie en beheerst de Nederlandse taal onvoldoende. Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het beroep van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondercuratelestelling van de dochter en benoemt de broers als curatoren, waarbij het beroep van de vader wordt afgewezen.