Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 20 oktober 2016 het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 10 mei 2016, waarin een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige was verleend. De moeder had verzocht deze beschikking te vernietigen en de machtiging af te wijzen, maar het hof heeft dit verzoek afgewezen.
De minderjarige groeide op in een onveilig pedagogisch klimaat met chronische problemen binnen het gezin, waaronder verbaal en fysiek geweld tussen de ouders. De moeder was onvoldoende in staat haar gezagspositie uit te oefenen vanwege persoonlijke problematiek, waardoor de ontwikkeling van de minderjarige negatief werd beïnvloed. Ondanks een positieve ontwikkeling bij de moeder, waaronder medicatiegebruik en een nieuwe relatie, acht het hof deze verbetering te pril en onvoldoende stabiel voor een herplaatsing.
Het hof benadrukt dat eerdere hulpverlening in het vrijwillige kader niet effectief was en dat de moeder langdurig in haar mogelijkheden is overvraagd, wat heeft geleid tot een schrijnende situatie. Daarom is de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk voor de rust en stabiliteit van de minderjarige. Het hof bekrachtigt de eerdere beschikking en wijst het beroep van de moeder af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige en wijst het beroep van de moeder af.