Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van een minderjarige tegen een beschikking van de kinderrechter die een machtiging voor gesloten jeugdhulp verleende voor zes maanden. De minderjarige verbleef in een voorziening voor gesloten jeugdhulp en verzocht om beëindiging of verkorting van deze maatregel.
De kinderrechter had op 9 juni 2016 de ondertoezichtstelling van de minderjarige uitgesproken en een machtiging gesloten jeugdhulp verleend van 10 juni 2016 tot 10 december 2016. Het hof stelde vast dat aan de formele voorwaarden voor de machtiging was voldaan, maar dat de maatregel een ingrijpende vrijheidsbeneming betreft die alleen gerechtvaardigd is indien minder ingrijpende maatregelen ontoereikend zijn.
De minderjarige en haar moeder gaven aan dat er positieve ontwikkelingen waren, zoals verbeterd emotiebeheer en gezagsacceptatie, en dat de therapeutische noodzaak afnam. De raad en de gezinsvoogd stelden dat de maatregel nodig bleef tot december 2016 vanwege praktische regelingen zoals schoolplaatsing, maar konden geen concrete planning of voortgang aantonen.
Het hof oordeelde dat de overheid een actieve houding moet aannemen bij vrijheidsbenemende maatregelen en dat het gebrek aan voortgang en onduidelijkheid onaanvaardbaar zijn gelet op het belang van de minderjarige. Daarnaast bleek de minderjarige in de instelling te worden gepest en ontbrak noodzakelijke behandeling. Daarom besloot het hof de machtiging gesloten jeugdhulp per 15 november 2016 te beëindigen en het verzoek tot verlenging vanaf die datum af te wijzen, terwijl de rest van de beschikking werd bekrachtigd.
Uitkomst: De machtiging gesloten jeugdhulp wordt per 15 november 2016 beëindigd en het verzoek tot verlenging afgewezen.