ECLI:NL:GHARL:2016:9726
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging van het ouderlijk gezag wegens ongeschiktheid moeder en belang minderjarige
De zaak betreft het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Overijssel die het ouderlijk gezag van de moeder over haar minderjarige kind heeft beëindigd en de gecertificeerde instelling tot voogd heeft benoemd.
De minderjarige is sinds kort na haar geboorte onder toezicht gesteld en verblijft sinds 2014 bij pleegouders. De moeder heeft langdurige psychiatrische problematiek waardoor zij niet in staat is het gezag uit te oefenen en het opvoedingsperspectief ligt niet bij haar. De moeder heeft geen contact met het kind en het contact met de vader is beperkt tot begeleide bezoeken.
Het hof overweegt dat het belang van het kind voorop staat en dat het ontbreken van perspectief op terugkeer naar de moeder een verderstrekkende maatregel rechtvaardigt. Het gezag wordt beëindigd om duidelijkheid en continuïteit voor het kind te waarborgen. De moeder wil het gezag behouden om het kind terug te krijgen, maar dit is niet realistisch.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijst het beroep van de moeder af. De beslissing is genomen met inachtneming van artikel 1:266 BW Pro en het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en beëindigt het gezag van de moeder over de minderjarige.