Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Beoordeling
De betrokkene is voorts van mening dat de WAHV niet de vereiste wettelijke grondslag biedt om administratiekosten bij de overtreder in rekening te brengen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Betrokkene is als kentekenhouder gesanctioneerd voor twee snelheidsovertredingen op dezelfde dag, 18 december 2013, op dezelfde locatie maar op verschillende tijdstippen. De kantonrechter verklaarde het beroep van betrokkene tegen de sancties ongegrond. Betrokkene stelde onder meer dat toepassing van het ne bis in idem-beginsel en het evenredigheidsbeginsel aanleiding moesten geven tot matiging of intrekking van de sancties.
Het hof overweegt dat de twee overtredingen gezien de verschillende tijdstippen niet als dezelfde gedraging kunnen worden beschouwd, zodat het ne bis in idem-beginsel niet van toepassing is. Verder oordeelt het hof dat de verantwoordelijkheid voor het waarnemen van verkeersborden bij de bestuurder ligt en dat het ontbreken van rappelborden geen grond is voor matiging. Het beroep op het evenredigheidsbeginsel en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur leidt niet tot een andere uitkomst.
Ten slotte wijst het hof het verweer af dat de administratiekosten niet op wettelijke grondslag berusten of onredelijk hoog zijn. Het hof bevestigt de beslissing van de kantonrechter en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sancties voor twee snelheidsovertredingen en wijst het hoger beroep af.