Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[verzoekster] ,
verzoekers in hoger beroep,
Regiecentrum Bescherming en Veiligheid,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het geschil betreft het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland die de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen verlengde tot uiterlijk 27 mei 2018.
De ouders, zonder vaste woon- of verblijfplaats, betwisten de noodzaak van verlenging en voeren aan onvoldoende invloed te hebben op het leven van hun kinderen en bezwaar tegen verblijf bij de pleegmoeder. Het hof oordeelt echter dat de gronden voor verlenging onverminderd aanwezig zijn, zoals emotie-regulatieproblematiek, sociaal-emotionele achterstanden, wantrouwen, ontoereikende opvoedingsvaardigheden en een moeizame samenwerking met hulpverlening.
De kinderen verblijven sinds november 2016 bij een pleegmoeder en tonen daar positieve ontwikkelingen. De ouders verblijven op een camping zonder uitzicht op een woning, waardoor terugplaatsing niet verantwoord is. Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en benadrukt dat terugplaatsing pas aan de orde kan zijn wanneer de ouders voldoende opvoedingsvaardigheden hebben aangetoond.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige kinderen tot uiterlijk 27 mei 2018.