Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[verzoeker] ,
verder te noemen: [verzoeker] ,
alsmede
2.
[D] en [E],
verzoekers,
advocaat: mr. H.A. de Boer te Sneek,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van een vijftienjarige en zijn ouders tegen de machtiging gesloten jeugdhulp die gold van 18 juli 2017 tot 4 februari 2018. De minderjarige verbleef sinds lange tijd uit huis op verschillende locaties en was momenteel geplaatst in een gesloten setting bij een jeugdinstelling. Het hof handhaafde de eerdere beschikking van de rechtbank en oordeelde dat de machtiging noodzakelijk is vanwege ernstige gedragsproblemen en het ontbreken van een minder ingrijpend alternatief.
De gedragsdeskundige en de jeugdinstelling bevestigden een positieve gedragsverandering en medewerking van de minderjarige aan het behandelplan. Er werd een beleid gevoerd gericht op terugkeer naar de ouders per het einde van de machtiging, waarbij de periode tot die datum wordt benut voor een zorgvuldige voorbereiding van zowel de minderjarige als zijn ouders.
Het hof benadrukte het belang van een goede borging van de behandeling en het opstarten van ambulante hulp voor de ouders. Hoewel de minderjarige graag direct naar huis wil, weegt het hof het belang van een succesvolle terugkeer zwaarder. Het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard en de beschikking van de rechtbank werd bekrachtigd.
Uitkomst: De machtiging gesloten jeugdhulp wordt bekrachtigd en het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.