ECLI:NL:GHARL:2017:11334
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs in cocaïne-inbeslagname bij grootschalig evenement
Verdachte werd aangehouden tijdens een grootschalig evenement waarbij een substantie, vermoedelijk cocaïne, bij hem in beslag werd genomen. De identificatie van de in beslag genomen substantie op de verschillende processtukken, zoals de kennisgeving van inbeslagneming (KVI), het proces-verbaal van de indicatieve test en het NFI-rapport, was inconsistent en onvoldoende eenduidig.
De KVI vermeldde geen uniek SIN-nummer, terwijl dit volgens de Aanwijzing inbeslagneming verplicht is voor een juiste koppeling van het bewijsstuk. Hierdoor kon niet met zekerheid worden vastgesteld dat de door het NFI onderzochte substantie daadwerkelijk de substantie was die bij verdachte was aangetroffen.
Het hof oordeelde dat vanwege de grootschaligheid van het evenement en het ontbreken van een eenduidige identificatie, het bewijs onvoldoende was om verdachte te veroordelen. Het NFI-rapport werd niet als bewijs aanvaard. Er was geen ander wettig en overtuigend bewijs aanwezig. Daarom sprak het hof verdachte vrij van het ten laste gelegde.
Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en de zaak werd opnieuw beoordeeld, waarbij het hof tot vrijspraak kwam. De zaak benadrukt het belang van zorgvuldige en eenduidige registratie van inbeslaggenomen goederen, zeker bij grootschalige evenementen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat de onderzochte substantie ook de in beslag genomen cocaïne betrof.