Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Den Haag(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende heeft voor het jaar 2013 een aanslag inkomstenbelasting ontvangen waarbij de Inspecteur de persoonsgebonden aftrek voor uitgaven levensonderhoud van haar zoon en de giften heeft gecorrigeerd. De zoon ontving studiefinanciering van januari tot mei 2013, waardoor aftrek voor die periode niet mogelijk is volgens de wet. Belanghebbende stelde dat de studiefinanciering later is terugbetaald, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt.
Daarnaast vorderde belanghebbende aftrek van giften aan een instelling in Senegal, maar kon zij niet aantonen dat de betalingen daadwerkelijk aan deze instelling zijn gedaan. De Inspecteur heeft de instelling niet als ANBI erkend, waardoor de giftenaftrek werd geweigerd.
Verder stelde belanghebbende specifieke zorgkosten voor haar moeder te kunnen aftrekken, maar de rechtbank oordeelde dat persoonlijke verzorging niet aftrekbaar is en dat vervoerskosten niet voldoende zijn onderbouwd als medische kosten. Ook de aftrek van weekenduitgaven voor gehandicapten werd afgewezen omdat de moeder niet in een inrichting verbleef.
Het hof bevestigde de eerdere uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend en het griffierecht bleef voor rekening van belanghebbende.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.