ECLI:NL:GHARL:2017:2368
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Geen bevoegdheid tot opleggen sanctie na ontbinding vennootschap
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter Gelderland waarbij een administratieve sanctie van €90,- was opgelegd aan een vennootschap onder firma (VOF) voor een verkeersovertreding. De betrokkene stelde dat de VOF al bijna drie jaar eerder was ontbonden en dat de onderneming was voortgezet door een natuurlijk persoon, waardoor de sanctie niet aan de VOF kon worden opgelegd.
Het hof oordeelde dat de betrokkene voor derden kenbaar was opgehouden te bestaan en dat er geen bevoegdheid bestond om de sanctie op te leggen, aangezien de voortzetting niet door een andere niet-natuurlijke persoon plaatsvond. De beslissing van de kantonrechter en de opgelegde sanctie werden vernietigd en het betaalde bedrag werd gerestitueerd.
Daarnaast kende het hof een proceskostenvergoeding toe, maar beperkte deze tot de kosten van het indienen van de nadere toelichting op het hoger beroep, omdat de grond voor vernietiging pas toen werd aangevoerd en de gemachtigde als professioneel rechtsbijstandsverlener geacht werd deze grond eerder te kunnen aanvoeren.
Het arrest verduidelijkt de toepassing van de Wegenverkeerswet en de gevolgen van ontbinding van niet-natuurlijke personen voor het opleggen en handhaven van administratieve sancties.
Uitkomst: De sanctie aan de ontbonden VOF wordt vernietigd en het betaalde bedrag gerestitueerd.