Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Als gemachtigde van de advocaat-generaal is verschenen mr. H. de Ruijter.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze zaak betreft het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter Zeeland-West-Brabant die het beroep van betrokkene tegen een sanctiebeschikking van het Openbaar Ministerie ongegrond verklaarde. Betrokkene stelde dat de termijnoverschrijding voor het instellen van beroep het gevolg was van te late doorzending van stukken door zijn bewindvoerder.
Het hof constateerde dat de kantonrechter het beroep behandelde zonder betrokkene te horen, terwijl deze zich vooraf telefonisch ziek had gemeld. Omdat bij de rechtbank geen ziekmelding was geregistreerd, vernietigde het hof de beslissing van de kantonrechter wegens schending van artikel 12, eerste lid van de WAHV.
Inhoudelijk oordeelde het hof dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is, omdat het niet tijdig doorzenden van post door de bewindvoerder voor rekening van betrokkene komt. Hierdoor was het beroep tegen de sanctiebeschikking terecht niet-ontvankelijk verklaard. Tevens stelde het hof vast dat de eerste en tweede verhoging van de sanctie en het dwangbevel onterecht waren toegepast en uitgevaardigd.
Het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie werd daarom ongegrond verklaard, waardoor het hof niet inhoudelijk op de sanctie kon ingaan. Er werden geen kosten toegekend aan betrokkene. Het arrest werd uitgesproken in aanwezigheid van de griffier en is openbaar.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep tegen de officier van justitie ongegrond wegens termijnoverschrijding en vernietigt de beslissing van de kantonrechter wegens schending van hoor en wederhoor.