ECLI:NL:GHARL:2017:2448
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen beslissing kantonrechter inzake proceskostenvergoeding in bestuursstrafzaak
In deze bestuursstrafzaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 23 maart 2017 uitspraak gedaan in hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter Midden-Nederland van 13 maart 2015. De betrokkene had beroep ingesteld tegen een beslissing van de officier van justitie, waarbij de kantonrechter het beroep gegrond verklaarde en het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond. De gemachtigde van de betrokkene stelde dat hij niet tijdig de beslissing van de officier van justitie had ontvangen en daarom onvoldoende gelegenheid had gehad om inhoudelijke beroepsgronden aan te voeren.
Het hof oordeelde dat de kantonrechter terecht had afgezien van het toezenden van de motivering van de officier van justitie en het verlenen van een termijn voor aanvullende gronden, omdat de gemachtigde voldoende gelegenheid had gehad om het dossier in te zien en ter zitting toelichting te geven, maar hiervan geen gebruik had gemaakt. Wel stelde het hof vast dat de kantonrechter een kennelijke verschrijving had gemaakt in het dictum, maar dit geen nadeel voor de gemachtigde opleverde.
Het hof vernietigde echter het oordeel van de kantonrechter dat het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen. Volgens vaste jurisprudentie moet een verzoek om proceskostenvergoeding worden toegewezen wanneer de betrokkene geheel of gedeeltelijk in het gelijk wordt gesteld. Het hof kende daarom een proceskostenvergoeding van €490 toe, gebaseerd op forfaitaire bedragen voor de verrichte proceshandelingen en een wegingsfactor vanwege de lichte aard van de zaak.
De rest van de beslissing van de kantonrechter bleef ongewijzigd. De advocaat-generaal werd veroordeeld tot betaling van de proceskostenvergoeding aan de gemachtigde van de betrokkene.
Uitkomst: Het hof vernietigt het afwijzen van de proceskostenvergoeding en veroordeelt de advocaat-generaal tot betaling van €490 aan de gemachtigde.