ECLI:NL:GHARL:2017:245
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling doorbreking appelverbod bij administratieve sanctie onder €70
Betrokkene stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter die zijn beroep ongegrond verklaarde inzake een administratieve sanctie van €32. Het hof overwoog dat op grond van artikel 14, eerste lid, WAHV hoger beroep alleen ontvankelijk is bij sancties boven €70, waardoor het beroep niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
Betrokkene voerde aan dat het beroep toch ontvankelijk moest zijn wegens rechtsweigering, onder meer door het late toezenden van het proces-verbaal, gebruik van stukken die hem niet bekend waren, en onjuiste waardering van zijn verweer en verzoeken. Het hof oordeelde dat alleen de klacht over het gebruik van niet-bekende stukken mogelijk een fundamentele schending van behoorlijke rechtspleging zou kunnen zijn.
Deze klacht faalde echter omdat de gebruikte verklaring van de verbalisant onderdeel was van het dossier dat betrokkene kon inzien. De overige klachten betroffen geen fundamentele schendingen die een doorbreking van het appelverbod rechtvaardigen.
Daarom verklaarde het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk en handhaafde de beslissing van de kantonrechter.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens een sanctie onder de wettelijke drempel en geen fundamentele schending van behoorlijke rechtspleging.