Uitspraak
kantoorhoudende te [plaats] .
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest van 28 maart 2017 het hoger beroep behandeld tegen de beslissing van de kantonrechter Noord-Holland inzake een administratieve sanctie voor een snelheidsoverschrijding op de A4. De kantonrechter had het beroep van de betrokkene ongegrond verklaard, maar het hof vernietigt deze beslissing omdat de kantonrechter niet is ingegaan op de beroepsgronden over de schending van de hoorplicht en de onvoldoende motivering van de beslissing van de officier van justitie.
De officier van justitie had het beroep van de betrokkene ongegrond verklaard zonder hem te horen, terwijl de hoorplicht volgens artikel 7:16 Awb Pro in verbinding met artikel 7 WAHV Pro niet juist was nageleefd. Het hof oordeelt dat het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond is en vernietigt deze beslissing. Vervolgens beoordeelt het hof het beroep tegen de inleidende beschikking waarbij een boete van €94,- is opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 13 km/u.
De betrokkene ontkent de overtreding en betwist de meetmiddelen en het meetgebied, maar het hof acht de ambtsedige verklaring van de verbalisant voldoende en ziet geen specifieke feiten die twijfel rechtvaardigen. Daarom verklaart het hof het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond. Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat de gemachtigde geen onderbouwd verweer voerde en niet redelijkerwijs het belang van de betrokkene heeft gediend.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de beslissingen van kantonrechter en officier van justitie, verklaart het beroep gegrond, maar wijst het verzoek tot proceskostenvergoeding af.