ECLI:NL:GHARL:2017:4197
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Beswerda
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing kostenvergoeding in bestuursstrafrechtelijke sanctie
In deze bestuursrechtelijke zaak betreft het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter Rotterdam van 10 december 2014 over een sanctiebeschikking opgelegd wegens onjuist gebruik van een parkeervergunning.
De gemachtigde van de betrokkene werd aanvankelijk niet behoorlijk opgeroepen, waardoor het hof de beslissing van de kantonrechter vernietigde en het beroep tegen de officier van justitie zelf beoordeelde. De kern van het geschil was het verzoek tot vergoeding van kosten in de fase van het administratief beroep.
Het hof overwoog dat vergoeding van kosten alleen mogelijk is indien het bestreden besluit wordt herroepen wegens een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. Nu de sanctiebeschikking slechts gedeeltelijk werd gematigd en niet herroepen, was het verzoek tot kostenvergoeding terecht afgewezen.
Wel achtte het hof voldoende gronden om de in hoger beroep gemaakte proceskosten te vergoeden. Op basis van het forfaitaire Besluit proceskosten bestuursrecht en de aard van de zaak werd een bedrag van € 367,50 toegekend aan de gemachtigde van de betrokkene.
Het arrest werd gewezen door mr. Beswerda en uitgesproken in openbare zitting op 16 mei 2017.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek om kostenvergoeding af maar veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten in hoger beroep.