Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen sloten in 2012 een overeenkomst onder leiding van een mediator waarin zij formeel gehuwd wilden blijven maar duurzaam gescheiden zouden leven. De man verzocht de rechtbank om echtscheiding uit te spreken en afwikkeling van huwelijkse voorwaarden, terwijl de vrouw verweer voerde en diverse alimentatie- en gebruiksrechten opeiste.
De rechtbank sprak de echtscheiding uit, verklaarde de overeenkomst van 2012 niet meer rechtsgeldig na inschrijving echtscheiding, bepaalde geen partneralimentatie en gaf de vrouw het recht de woning zes maanden te blijven gebruiken zonder vergoeding. De vrouw ging in hoger beroep met meerdere grieven, waaronder vernietiging echtscheiding, alimentatieverzoeken en gebruiksrechten woning.
Het hof oordeelde dat het huwelijk duurzaam ontwricht is en de echtscheiding terecht is uitgesproken. De vrouw is niet-ontvankelijk verklaard voor haar verzoek om bijdrage in de kosten van levensonderhoud van hun zoon. De overeenkomst van 2012 is niet bedoeld als echtscheidingsconvenant en verliest haar werking bij echtscheiding. De man heeft geen draagkracht voor partneralimentatie. Het gebruiksrecht van de woning wordt bekrachtigd voor zes maanden na inschrijving echtscheiding zonder vergoeding.
De bestreden beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd, met verbeterde gronden. De vrouw wordt niet-ontvankelijk verklaard voor alimentatie ten behoeve van de zoon. De financiële afwikkeling van het huwelijk dient nog geregeld te worden volgens huwelijkse voorwaarden.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de echtscheiding en verklaart de vrouw niet-ontvankelijk voor haar verzoek om kinderalimentatie; de overeenkomst van 2012 geldt niet meer na echtscheiding en partneralimentatie wordt niet toegekend wegens nihil draagkracht man.