ECLI:NL:GHARL:2017:6184
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens niet-overdragen administratie en opmaken valse facturen na faillissement
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld wegens het niet tijdig overdragen van de administratie van failliete ondernemingen aan de curator en het opmaken van valse facturen. In hoger beroep werd het vonnis grotendeels bevestigd, met uitzondering van de strafoplegging die werd vernietigd en opnieuw vastgesteld.
Het hof verwierp de verweren van de verdediging, waaronder het betoog dat verklaringen van getuigen onvoldoende waren en dat een overhandigd kasboek volledig was. Uit verklaringen en bewijsstukken bleek dat verdachte feitelijk leiding gaf aan de onderneming en niet voldeed aan zijn administratieve verplichtingen.
De advocaat-generaal vorderde een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twaalf maanden, terwijl de verdediging pleitte voor een geheel voorwaardelijke straf gezien de leeftijd en gezondheid van verdachte. Het hof oordeelde dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend was vanwege de ernst van de feiten, de omvang van de fraude en het misbruik van vertrouwen.
De straf werd vastgesteld op twaalf maanden gevangenisstraf, rekening houdend met de leeftijd en gezondheid van verdachte. Het hof benadrukte het belang van normhandhaving en vergelding boven het persoonlijk belang van verdachte. De tijd in voorarrest wordt in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twaalf maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf wegens niet-overdragen administratie en opmaken valse facturen.