ECLI:NL:GHARL:2017:7234
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen boete voor negeren rood verkeerslicht zonder staandehouding
Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter Amsterdam die het administratief beroep van betrokkene tegen een boete wegens het negeren van een rood verkeerslicht ongegrond verklaarde. De kantonrechter had het verzoek tot vergoeding van kosten afgewezen, maar het hof vernietigde dit vonnis vanwege een formeel gebrek: het proces-verbaal was niet ondertekend door de kantonrechter.
Het hof beoordeelde vervolgens zelf het beroep en oordeelde dat de officier van justitie terecht van de hoorplicht had afgezien omdat betrokkene niet had verzocht om gehoord te worden. De verklaring van de verbalisant, ondanks dat deze niet direct zicht had op het verkeerslicht, was voldoende onderbouwd met een verklikkerlicht dat aangaf dat het rode licht al twee seconden brandde toen betrokkene het negeerde.
Betrokkene voerde aan dat de verbalisant geen zicht had op het verkeerslicht en dat de geellichtfase onbekend was, maar het hof verwierp deze bezwaren. Ook was de verklaring van de verbalisant dat staandehouding vanwege zijn veiligheid niet mogelijk was voldoende om de boete op kenteken te mogen opleggen. Het hof verklaarde het beroep ongegrond, vernietigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete voor negeren van het rode verkeerslicht blijft in stand.