Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft een hoger beroep van [verzoeker], die sinds augustus 2016 in een gesloten behandelafdeling verblijft op grond van een machtiging gesloten jeugdhulp. De GI had verzocht om verlenging van deze machtiging tot april 2017. [verzoeker] verzet zich tegen de voortzetting van de gesloten plaatsing en verzoekt om terugplaatsing naar een open setting bij Stichting [F], waar hij eerder positief verbleef.
Het hof stelt vast dat de formele eisen voor de machtiging zijn vervuld, maar dat de noodzaak van de gesloten plaatsing inmiddels is afgenomen. Hoewel de GI stelt dat gesloten behandeling nog noodzakelijk is om terugval te voorkomen, is gebleken dat [verzoeker] een positieve gedragslijn heeft vastgehouden en zijn vrijheden zijn uitgebreid. De onzekerheid over zijn toekomst en het gebrek aan duidelijkheid over terugkeer naar [F] frustreert hem echter.
Het hof overweegt dat [verzoeker] vanwege zijn ASS en PDD-NOS problematiek behoefte heeft aan duidelijkheid en houvast. De open setting bij [F] wordt als zijn thuishaven gezien, waar hij toezicht, rust en regelmaat kan vinden. De gesloten plaatsing schiet inmiddels zijn doel voorbij en kan negatieve effecten veroorzaken. Daarom wordt de machtiging gesloten plaatsing bekrachtigd tot uiterlijk 23 februari 2017, met de verwachting dat binnen drie weken een passende open plaats beschikbaar is. De GI kan bij problemen opnieuw een verzoek tot gesloten plaatsing indienen.
Uitkomst: De machtiging gesloten plaatsing wordt bekrachtigd tot uiterlijk 23 februari 2017, waarna terugplaatsing naar een open setting moet plaatsvinden.