ECLI:NL:GHARL:2017:9861
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring administratief beroep inzake administratiekosten en dwangsom
De betrokkene stelde in hoger beroep de niet-ontvankelijkverklaring van zijn administratief beroep aan de kaak, dat was gericht tegen in rekening gebrachte administratiekosten. De kantonrechter had dit beroep ongegrond verklaard omdat het niet tijdig was ingesteld. Het hof constateerde dat de inleidende beschikking een onjuiste rechtsmiddelenverwijzing bevatte, waardoor het beroep tegen de administratiekosten niet-ontvankelijk had mogen worden verklaard.
Daarnaast stelde de gemachtigde dat de officier van justitie niet tijdig had beslist op het administratief beroep en dat daardoor een dwangsom verschuldigd was. Het hof oordeelde dat een faxbericht van 1 november 2012 geen geldige ingebrekestelling vormde, maar dat een faxbericht van 8 februari 2013 wel als ingebrekestelling kon worden aangemerkt. Hierdoor was de officier van justitie vanaf 22 februari 2013 een dwangsom van €1260,- verschuldigd.
Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter en de officier van justitie voor zover deze betrekking hadden op de niet-ontvankelijkverklaring van het administratief beroep tegen de administratiekosten en de dwangsom. Het beroep tegen de inleidende beschikking werd verder ongegrond verklaard. Tevens werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €487,- aan de betrokkene.
Uitkomst: Het hof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring van het administratief beroep tegen administratiekosten en stelt een dwangsom van €1260,- vast wegens niet tijdig beslissen.