Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak staat de bevoegdheid van de kantonrechter als Spreekuurrechter centraal, evenals de vraag of moeder vervangende toestemming kan krijgen om de kinderen op een andere basisschool in te schrijven.
De ouders oefenden gezamenlijk gezag uit over hun twee minderjarige kinderen, die hun hoofdverblijf bij de moeder hadden. Na de relatiebreuk woonden zij op verschillende locaties in dezelfde gemeente. De kinderen bezochten de basisschool nabij de vader, wat voor de moeder een aanzienlijke reistijd en belasting betekende.
De moeder verzocht om inschrijving op een basisschool dichter bij haar woning, wat de kantonrechter als Spreekuurrechter aanvankelijk weigerde. Het hof oordeelde echter dat de kantonrechter bevoegd was op grond van artikel 96 Rv Pro en dat de belangen van de moeder en kinderen bij de nieuwe schoolkeuze zwaarder wogen dan die van de vader bij handhaving van de huidige school.
Het hof verleende daarom vervangende toestemming voor inschrijving op de nieuwe school en BSO, met ingang na de kerstvakantie 2018/2019, om de overgang voor de kinderen zo soepel mogelijk te laten verlopen.
Uitkomst: Het hof verleent moeder vervangende toestemming om de kinderen na de kerstvakantie in te schrijven op een basisschool en BSO nabij haar woning.