In deze strafzaak in hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 17 juli 2018, waarbij verdachte wordt verdacht van verkrachting, vrijheidsberoving, doodslag en mishandeling, heeft het hof op 13 december 2018 een tussenarrest gewezen.
De verdediging verzocht om het horen van meerdere getuigen, waaronder leden van het arrestatieteam en de plaatselijke top van het openbaar ministerie en politie, om te onderzoeken of er sprake was van het overschrijden van bevoegdheden bij de aanhouding van verdachte. Het hof wees deze verzoeken af, omdat uit verklaringen bleek dat er geen opdracht tot fysiek geweld door de top was gegeven, ondanks dat fysiek geweld kort na de aanhouding aannemelijk is.
Wel werd het verzoek van de verdediging om de opnames van de politieverhoren van verdachte toe te voegen aan het dossier toegewezen, evenals het verzoek om één aanvullende getuige te horen. Daarnaast stemde het hof in met het verzoek van het openbaar ministerie om nader onderzoek te doen naar de seksuele belevingswereld van verdachte door deskundigen verbonden aan het Pieter Baan Centrum. Het verzoek tot medebrenging van verdachte voor de inhoudelijke behandeling werd afgewezen, mede omdat de verdediging verwacht dat verdachte vrijwillig zal verschijnen.
Het onderzoek werd geschorst voor een periode van één tot drie maanden om het nader onderzoek mogelijk te maken. De zaak wordt verwezen naar de raadsheer-commissaris voor het horen van de toegewezen getuige en het benoemen van deskundigen voor het nader onderzoek.