Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het hof behandelt het hoger beroep van de vader tegen de beschikking van de rechtbank Overijssel die twee minderjarige meisjes onder toezicht stelde van een gecertificeerde instelling voor de duur van een jaar. De meisjes, met een benedengemiddelde intelligentie en diagnoses ADHD en PDD-NOS, wonen bij de moeder en worden ernstig bedreigd in hun sociaal-emotionele ontwikkeling door de onrustige thuissituatie en het gebrek aan samenwerking tussen de ouders.
De ondertoezichtstelling is gebaseerd op artikel 1:255 BW Pro, waarbij de rechter kan ingrijpen als de ontwikkeling van het kind ernstig wordt bedreigd en de noodzakelijke zorg niet voldoende wordt geaccepteerd door de ouders. Het hof oordeelt dat de gronden voor ondertoezichtstelling nog steeds aanwezig zijn, mede gezien de langdurige en intensieve hulpverlening sinds 2015 zonder voldoende resultaat.
Hoewel de vader stelt dat de ondertoezichtstelling contraproductief is en wijst op de vele wisselingen van gezinsvoogden, erkent het hof dat dit de rechtmatigheid van de ondertoezichtstelling niet aantast. Het hof uit wel zorgen over de stabiliteit van de begeleiding gezien de bijzondere behoeften van de kinderen. Het doel van de maatregel is hulp en ondersteuning bieden, waarbij uithuisplaatsing alleen mogelijk is na rechterlijke machtiging, hetgeen niet aan de orde is.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het beroep van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondertoezichtstelling van de minderjarige meisjes voor de duur van één jaar.