ECLI:NL:GHARL:2018:2512
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Matiging administratieve sanctie parkeren zonder zichtbare gehandicaptenparkeerkaart
De betrokkene werd een administratieve sanctie van €370 opgelegd wegens parkeren op een gehandicaptenparkeerplaats zonder dat een geldige gehandicaptenparkeerkaart duidelijk zichtbaar was aangebracht. De overtreding vond plaats op 14 december 2014 te Rotterdam. Betrokkene voerde aan dat zijn moeder, die over een geldige gehandicaptenparkeerkaart beschikte, was vervoerd maar dat zij vergeten waren de kaart zichtbaar in de auto achter te laten. Dit werd ondersteund met een afschrift van de kaart.
De kantonrechter verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond, maar het hof oordeelde dat de overtreding weliswaar had plaatsgevonden omdat de kaart niet zichtbaar was, maar dat de omstandigheden aanleiding gaven tot matiging van de sanctie. De advocaat-generaal stelde dat de discretionaire bevoegdheid tot matiging beperkt is tot uitzonderlijke persoonlijke omstandigheden die de verwijtbaarheid verminderen. Het hof volgde dit en matigde de sanctie tot €30.
Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter en verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond. Tevens werd bepaald dat een deel van het reeds betaalde bedrag van €340 aan betrokkene wordt gerestitueerd. Hiermee werd rekening gehouden met de feitelijke aanwezigheid van een geldige kaart, hoewel niet zichtbaar in het voertuig.
Uitkomst: De sanctie voor parkeren zonder zichtbare gehandicaptenparkeerkaart is gematigd tot €30 en een deel van het betaalde bedrag wordt gerestitueerd.