ECLI:NL:GHARL:2018:2999
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen matiging sanctie parkeren voor in-/uitrit verworpen
In deze zaak stond de betrokkene terecht voor het parkeren voor een in- en/of uitrit op de Collegiantenstraat te Rijnsburg op 18 maart 2014. De kantonrechter had de sanctie van €90,- gematigd tot nihil omdat het voertuig slechts een klein deel van de uitrit blokkeerde, waardoor bewoners hun uitrit konden gebruiken.
De officier van justitie stelde echter dat het parkeerverbod voor in- en uitritten absoluut is en dat matiging van de sanctie niet gerechtvaardigd is. De betrokkene erkende formeel de overtreding maar voerde aan dat de gemeente een laakbaar parkeerbeleid hanteert en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat een andere overtreder slechts een waarschuwing kreeg.
Het hof oordeelt dat het verbod absoluut is en dat het gedeeltelijk blokkeren van de uitrit geen reden is om af te zien van sanctie. Ook het vermeende gedogen door de gemeente en het gelijkheidsbeginsel bieden geen grond voor matiging. De beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd en het beroep van de officier van justitie wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van de officier van justitie wordt ongegrond verklaard en de sanctie van €90,- blijft van kracht.