Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank die het gezag van de moeder over drie minderjarige kinderen beëindigde en de gecertificeerde instelling tot voogd benoemde. De moeder is niet in staat gebleken het belang van de kinderen voorop te stellen, wat blijkt uit haar verleden van verwaarlozing, het onverwacht meenemen van twee kinderen naar Frankrijk zonder hulpverlening te informeren, en het ontbreken van een veilige en voorspelbare opvoedingssituatie.
De kinderen wonen al sinds 2013 in pleeggezinnen en hebben zich daar goed ontwikkeld. De moeder ontvangt hulp voor de jongste twee thuiswonende kinderen, maar kan de zorg voor vijf kinderen niet aan. Het hof benadrukt het belang van continuïteit, stabiliteit en ongestoorde hechting voor de kinderen en oordeelt dat het gezag van de moeder moet worden beëindigd om deze belangen te waarborgen.
De moeder verzocht subsidiair om een deskundigenonderzoek naar haar opvoedingsvaardigheden, maar het hof wees dit af omdat het onderzoek tot onrust zou leiden en de huidige situatie het beste is voor de kinderen. Het hof erkent de liefde tussen moeder en kinderen, maar stelt dat liefde alleen onvoldoende is voor een geschikte opvoeder. De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de moeder over drie kinderen en benoemt de gecertificeerde instelling tot voogd.