ECLI:NL:GHARL:2018:4074
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens weigering bloedproef en ontbreken bewijs medewerking ademonderzoek
In deze strafzaak stond de verdachte terecht wegens het niet meewerken aan een ademonderzoek na weigering van een bloedonderzoek, in strijd met artikel 8 van Pro de Wegenverkeerswet 1994. Het hof stelde vast dat het eerdere vonnis van de politierechter niet voldeed aan de wettelijke eisen omtrent de uitwerking van bewijsmiddelen in het proces-verbaal.
Tijdens de terechtzitting op 6 april 2018 heeft het hof kennisgenomen van de vorderingen van de advocaat-generaal en de verdediging. Het hof kon niet overtuigend vaststellen dat de verdachte het tenlastegelegde feit had begaan, omdat de medewerking aan het ademonderzoek niet kon worden bewezen.
Daarom vernietigde het hof het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij van de tenlastelegging. De verdachte was niet aanwezig bij de zitting toen het arrest op 20 april 2018 werd uitgesproken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij niet meewerkte aan het ademonderzoek na weigering bloedproef.