ECLI:NL:GHARL:2018:4776
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging administratieve sanctie wegens twijfel aan bevoegdheid verbalisant
In deze zaak stond de vraag centraal of de functionaris die de verbalisant beëdigde, bevoegd was tot het opleggen van de administratieve sanctie. De kantonrechter had het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van een machtiging, zonder de gemachtigde de gelegenheid te bieden dit te herstellen.
Het hof oordeelde dat deze niet-ontvankelijkverklaring onterecht was, omdat geen herstelmogelijkheid was geboden. Vervolgens stelde het hof vast dat in hoger beroep een uittreksel van de Kamer van Koophandel was overgelegd waaruit bleek dat de gemachtigde bevoegd was op te treden namens de betrokkene.
Daarnaast stelde het hof vast dat de officier van justitie ten onrechte had afgezien van het horen van de gemachtigde, terwijl het beroep niet kennelijk ongegrond was. Cruciaal was de twijfel over de bevoegdheid van de verbalisant, omdat geen mandaatbesluit was overgelegd. Het hof vernietigde de sanctiebeschikking en bepaalde dat het gestelde bedrag aan zekerheid moet worden gerestitueerd.
Ten slotte veroordeelde het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van de gemachtigde, berekend op basis van forfaitaire proceskosten en een wegingsfactor van 0,5.
Uitkomst: De sanctiebeschikking wordt vernietigd wegens twijfel aan de bevoegdheid van de verbalisant en de proceskosten worden vergoed.