ECLI:NL:GHARL:2018:4975
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Anjewierden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel wegens termijnoverschrijding
In deze verzetprocedure tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel heeft het hof beoordeeld of het verzet tijdig was ingesteld. De betrokkene had het verzetschrift gedateerd op 16 juli 2014, maar dit werd pas op 13 augustus 2014 ontvangen, terwijl de wettelijke termijn eindigde op 22 juli 2014. Het poststempel op de envelop was van 12 augustus 2014, wat betekent dat het verzetschrift niet tijdig ter post is bezorgd.
De betrokkene stelde dat hij het verzetschrift tijdig had verzonden en wilde dit aantonen met getuigenverklaringen, maar het hof achtte dit niet aannemelijk en zag geen reden om getuigen te horen, mede gezien de verstreken tijd. De kantonrechter had het verzet niet-ontvankelijk verklaard vanwege de termijnoverschrijding, en het hof bevestigde deze beslissing.
Het hof benadrukte dat de termijn voor het indienen van verzet een voorschrift van openbare orde is, waardoor de rechter niet aan de inhoudelijke beoordeling van het verzet toekomt als het niet tijdig is ingediend. De betrokkene kon daarmee niet meer inhoudelijk worden gehoord over de vermeende onterechte sanctie voor het onverzekerd zijn van het voertuig.
De beslissing van de kantonrechter blijft daarmee in stand en het hoger beroep wordt verworpen wegens niet-ontvankelijkheid van het verzet.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening.