ECLI:NL:GHARL:2018:5096
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Wijma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aansprakelijkheid kentekenhouder bij niet-bedrijfsmatige voertuigverhuur
In deze zaak ging het om een hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter die een beroep van de kentekenhouder tegen een administratieve sanctie wegens een snelheidsovertreding ongegrond verklaarde. De betrokkene stelde dat hij het voertuig op het moment van de overtreding bedrijfsmatig had verhuurd aan een derde en dat de huurder aansprakelijk moest worden gesteld.
De betrokkene overhandigde een huurovereenkomst en een aangiftebiljet omzetbelasting om zijn bedrijfsmatige verhuur te onderbouwen. Het hof oordeelde echter dat de betrokkene niet voldoende aannemelijk had gemaakt dat hij het voertuig in het kader van een beroep of bedrijf verhuurde. Het enkele bezit van een btw-nummer en het sluiten van een overeenkomst met een buitenlands bedrijf waren onvoldoende bewijs.
Het hof stelde vast dat de huurovereenkomst niet als bedrijfsmatig kon worden aangemerkt in de zin van artikel 8 Wahv Pro, waardoor de betrokkene als kentekenhouder aansprakelijk blijft voor de opgelegde sanctie. De beslissing van de kantonrechter werd dan ook bevestigd.
Uitkomst: De beslissing van de kantonrechter wordt bevestigd en de kentekenhouder blijft aansprakelijk voor de sanctie.