Uit het huwelijk van de vader en moeder zijn drie minderjarige kinderen geboren in Syrië. Na gezinshereniging in Nederland ontstonden conflicten, waarbij de vader de kinderen in mei 2017 zonder toestemming meenam naar Hongarije. Hij werd veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, deels voorwaardelijk, met een contactverbod jegens moeder en kinderen.
De rechtbank Overijssel beëindigde het gezag van de vader en ontzegde hem omgang met de kinderen. De vader ging hiertegen in hoger beroep, stellende dat het contactverbod voldoende bescherming biedt en dat hij bereid is afstand te nemen. Het hof overweegt dat het gezag beëindigen noodzakelijk is vanwege ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de kinderen, het misbruik van gezag door de vader en de blijvende veiligheidsrisico's, mede gelet op een rapport van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld.
Het hof benadrukt de psychische impact op moeder en kinderen, die angstig en zorgelijk gedrag vertonen sinds de vrijlating van de vader. Het contactverbod en de beëindiging van het gezag bieden extra bescherming en rust. Het hof wijst verzoeken van de vader af en bekrachtigt de eerdere beslissingen. Herstel van contact is pas mogelijk als vertrouwen is hersteld, wat initiatief van de vader vereist.
De omgangsontzegging en informatiebeperking worden gehandhaafd omdat contact met de vader nu zwaarwegend nadelig is voor de kinderen. Benoeming van een bijzondere curator wordt niet noodzakelijk geacht. Het hof bekrachtigt de bestreden beschikkingen en wijst verdere verzoeken af.