Uitspraak
hij op of omstreeks 03 november 2016 te Tiel en/of te Zoelen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,
[betrokkene 1] op of omstreeks 03 november 2016 te Tiel en/of te Zoelen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,
hij in of omstreeks de periode van 04 november 2016 tot en met 05 november 2016 te Tiel, althans in Nederland,
[betrokkene 1] in of omstreeks de periode van 04 november 2016 tot en met 05 november 2016 te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,
Vrijspraak feit 1 primair en subsidiair
Feit 2 primair
(cursief), met enkele tussen haken geplaatste verbeteringen. Overal waar de rechtbank conclusies trekt worden die door het hof overgenomen. Omwille van de leesbaarheid wordt dat niet bij iedere conclusie van de rechtbank afzonderlijk vermeld. De overweging met betrekking tot het medeplegen neemt het hof alleen ten aanzien van feit 2 over. Die overweging is herschreven.
hij in
of omstreeksde periode van 04 november 2016 tot en met 05 november 2016 te Tiel,
althans in Nederland,
ander ofanderen,
althans alleen,opzettelijk een persoon, genaamd [slachtoffer] , wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en
/ofberoofd gehouden,
(s
),
althans alleen
/ofzijn mededader
(s
)zich op dat moment bevond
(en
)en
/of
hij -verdachte- en/ofzijn mededader
(s
)dicht op die [slachtoffer]
is/zijn gaan zitten en
/of
pistool, althansop een vuurwapen gelijkend voorwerp (waarvan de hamer naar achter stond) getoond en
/of
/of "Je moet ons tippen in welke woning veel contant geld of goud te halen is" en/of"Je moet nu geld pinnen van jouw bankrekening en je moet dat geld aan ons afstaan" en
/of"Stilzitten en je mond houden" en
/of
belet/belemmerd de auto te verlaten;
/of
of omstreeksde periode van 04 november 2016 tot en met 05 november 2016 te Tiel,
althans in Nederland,tezamen en in vereniging met
een of meeranderen,
althans alleen,op de openbare weg,
geweld en/ofbedreiging met geweld [slachtoffer] heeft gedwongen tot de afgifte van een pinpas met bijbehorende pincode en
/ofeen geldbedrag,
in elk geval van enig goed, geheel of ten deletoebehorende aan die [slachtoffer]
, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,
(s
),
althans alleen,
, althans eenop een vuurwapen gelijkend voorwerp (waarvan de hamer naar achter stond) heeft getoond en
/of
/of "Je moet ons tippen in welke woning veel contant geld of goud te halen is" en/of"Je moet nu geld pinnen van jouw bankrekening en je moet dat geld aan ons afstaan" en/of "Stilzitten en je mond houden"
, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;.
- een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden met een proeftijd van drie jaar en als bijzondere voorwaarden een meldplicht en een CoVa-training, en;
- een taakstraf voor de duur van tweehonderdveertig uur, bij niet voldoen te vervangen door honderdtwintig dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest.
- materiële schade voor een bedrag van € 700,--, bestaande uit de onder dwang gepinde geldbedragen, en;
- immateriële schade voor een bedrag van € 1.540,--.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden.
3 (drie) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 3 (drie) jaren dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
€ 2.240,00 (tweeduizend tweehonderdveertig euro) bestaande uit € 700,00 (zevenhonderd euro) materiële schade en € 1.540,00 (duizend vijfhonderdveertig euro) immateriële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
€ 2.240,00 (tweeduizend tweehonderdveertig euro) bestaande uit € 700,00 (zevenhonderd euro) materiële schade en € 1.540,00 (duizend vijfhonderdveertig euro) immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
32 (tweeëndertig) dagen hechtenis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.