Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 19 september 2018 het hoger beroep behandeld tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag, die het beroep van de betrokkene niet-ontvankelijk verklaarde wegens het niet tijdig stellen van zekerheid voor de betaling van een administratieve sanctie en administratiekosten.
De betrokkene voerde een draagkrachtverweer aan, stellende onvoldoende financiële middelen te hebben om de zekerheid te stellen. De kantonrechter heeft dit verweer in een tussenbeslissing van 14 juli 2016 ongegrond verklaard en een nieuwe termijn gegeven om alsnog zekerheid te stellen. Nadien overgelegde stukken ter onderbouwing van de financiële situatie zijn door de kantonrechter niet meer betrokken bij de eindbeslissing.
De gemachtigde van de betrokkene stelde dat hij onvoldoende gelegenheid had gekregen om het draagkrachtverweer nader te onderbouwen en dat dit in strijd was met artikel 6 EVRM Pro. Het hof oordeelde echter dat de kantonrechter juist heeft gehandeld door de betrokkene de gelegenheid te geven zich te verantwoorden en dat het niet vereist is dat in oproepingsbrieven expliciet wordt gewezen op de mogelijkheid van niet-ontvankelijkheid bij het niet stellen van zekerheid.
Het gerechtshof bevestigde de beslissing van de kantonrechter en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af, omdat de betrokkene niet in het gelijk werd gesteld.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wegens het niet tijdig stellen van zekerheid ondanks het ongegrond verklaren van het draagkrachtverweer.