Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 6 november 2018 de ondertoezichtstelling van een minderjarige bekrachtigd voor de periode van 14 november 2018 tot 14 februari 2019. De zaak betreft een hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland. Het hof verwijst naar een eerdere tussenbeschikking van 10 juli 2018 en constateert dat er nog steeds onvoldoende zicht is op de ontwikkeling en opvoedingssituatie van de minderjarige bij de moeder.
De gecertificeerde instelling (GI) heeft moeite om contact te leggen met de moeder en de minderjarige, wat leidt tot stagnatie in de hulpverlening. De minderjarige is slechts twee keer gezien door de GI, en afspraken bij een behandelinstantie zijn pas laat gepland. De moeder erkent de problemen niet en ziet geen noodzaak voor hulpverlening, ondanks toenemend schoolverzuim.
Het hof benadrukt het belang van een actieve medewerking van de moeder en een daadkrachtige inzet van de GI om de hulpverlening te verbeteren. De ondertoezichtstelling blijft noodzakelijk vanwege de geconstateerde ontwikkelingsbedreigingen en het onvermogen van de moeder om deze te onderkennen. De beschikking van de rechtbank wordt daarom bekrachtigd en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt bekrachtigd voor de periode van 14 november 2018 tot 14 februari 2019.