ECLI:NL:GHARL:2019:10297
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sanctiebeslissing wegens ontbreken reële mogelijkheid tot staandehouding bestuurder
De betrokkene maakte bezwaar tegen een sanctie opgelegd voor het niet gebruiken van het fiets/bromfietspad. De sanctie werd aan de kentekenhouder opgelegd omdat de bestuurder niet kon worden staande gehouden. De verklaring van de ambtenaar dat het voertuig niet kon worden staande gehouden, bevatte geen feiten of omstandigheden ter onderbouwing.
Het hof oordeelt dat op grond van artikel 5 Wahv Pro de ambtenaar de bestuurder moet staande houden om diens identiteit vast te stellen, tenzij er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was. Omdat de verklaring slechts een conclusie bevat en geen feitelijke onderbouwing, kan het verweer dat er wel een reële mogelijkheid was niet worden weerlegd.
Het hof vernietigt daarom de beslissing en de sanctie aan de kentekenhouder, en bepaalt dat het gestelde bedrag wordt gerestitueerd. Tevens veroordeelt het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: De sanctiebeslissing wordt vernietigd en het gestelde bedrag aan de betrokkene gerestitueerd.