Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[betrokkene] B.V. (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
Beoordeling
- zakelijk weergegeven - op neer dat het voertuig ten tijde van de gedraging bedrijfsmatig was verhuurd voor een termijn van ten hoogste drie maanden en dat de betrokkene derhalve een beroep toekomt op de in artikel 8, aanhef en onder b, van de Wahv genoemde disculpatiemogelijkheid voor de verhuurder van het voertuig. De kantonrechter heeft het beroep mede ongegrond verklaard, omdat de bestuurder onbekend was. Echter is al eerder in de procedure een kopie van de verhuurovereenkomst overgelegd, alsmede een kopie van het rijbewijs en het identiteitsbewijs van de bestuurder. Over de identiteit van de bestuurder kan dan ook geen onduidelijkheid bestaan.