Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Myrtax Bewindvoering B.V.,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Betrokkene, geboren in 1993, had in 2012 vrijwillig bewind aangevraagd vanwege schulden. Na zeven jaar bewind en ruim anderhalf jaar schuldenvrij te zijn, verzocht hij om opheffing van het bewind. De kantonrechter wees dit verzoek in eerste aanleg af. In hoger beroep stelde betrokkene dat hij inmiddels zijn financiën begrijpt, geen nieuwe schulden heeft gemaakt en dat het bewind een beklemmend gevoel geeft.
Het hof overwoog dat betrokkene sinds het instellen van het bewind veel geleerd heeft, geen nieuwe schulden heeft gemaakt en altijd steun kan vragen aan zijn broer. De bewindvoerder erkende dat voortzetting van het bewind niet zinvol is gezien de aversie van betrokkene.
Daarom vernietigde het hof de eerdere beschikking en besloot het bewind met ingang van 1 januari 2020 op te heffen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en verdere verzoeken zijn afgewezen.
Uitkomst: Het hof heft het bewind op met ingang van 1 januari 2020 wegens het ontbreken van noodzaak.