ECLI:NL:GHARL:2019:1469
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-stellen zekerheid bij Wahv-sanctie
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde omdat niet aan de verplichting tot zekerheidstelling voor betaling van de sanctie en administratiekosten was voldaan, zoals vereist door artikel 11 van Pro de Wahv.
De betrokkene voerde aan dat hij de gedraging niet had begaan en dat het kenteken in het proces-verbaal niet klopte. Na overleg met het Juridisch Loket erkende hij echter dat zekerheid gesteld moest worden en stelde dit inmiddels ook.
Het hof oordeelde dat de door de officier van justitie verzonden zekerheidsbrieven niet voldeden aan de wettelijke eisen, waardoor de niet-ontvankelijkverklaring niet stand kon houden. Daarom vernietigde het hof de beslissing en verwees de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam.
Het verzoek van de betrokkene tot vergoeding van proceskosten werd afgewezen omdat de kantonrechterbeslissing niet op de door hem aangedragen gronden kon worden vernietigd. Het hof verklaarde zich ook onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek tot schadevergoeding wegens mentale en integriteitsbeschadiging, omdat de Wahv daarvoor geen bevoegdheid verleent.
Uitkomst: Het hof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-stellen van zekerheid en wijst de zaak terug naar de rechtbank, wijst proceskostenvergoeding af en verklaart zich onbevoegd voor schadevergoeding.