ECLI:NL:GHARL:2019:2162
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Beswerda
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens zekerheidstelling in WAHV-zaak
In deze zaak is het hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene niet-ontvankelijk verklaarde wegens het niet voldoen aan de verplichting tot zekerheidstelling volgens de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv).
Betrokkene had binnen de gestelde termijn € 234,- overgemaakt naar het CJIB, maar dit bedrag werd niet toegerekend aan de onderhavige zaak omdat het op een ander CJIB-nummer was geboekt. De advocaat-generaal stelde dat niet volledig zekerheid was gesteld, omdat het verschuldigde bedrag € 339,- bedroeg, maar het hof oordeelde dat vanaf 1 januari 2018 de zekerheidstelling voor sancties van ten minste € 225,- gelijk is aan € 225,- plus administratiekosten, in dit geval € 234,-.
Het hof stelde vast dat betrokkene tijdig en naar behoren zekerheid had gesteld en dat het niet toerekenen door het CJIB niet tot verzuim van betrokkene leidt. Tevens constateerde het hof dat de brieven van de officier van justitie niet voldeden aan de vereiste informatieplicht. Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en verwees de zaak terug naar de rechtbank Rotterdam voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en wijst de zaak terug naar de rechtbank Rotterdam.