Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Beoordeling
30 november 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:10471) uiteen zijn gezet.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene stelde beroep in tegen de beslissing van de kantonrechter die zijn beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens het niet binnen de wettelijke termijn stellen van zekerheid voor betaling van een administratieve sanctie en administratiekosten volgens de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv).
De betrokkene voerde aan dat hij financieel niet in staat was zekerheid te stellen vanwege een uitkering, schulden en noodzakelijke leningen voor levensonderhoud. De kantonrechter nodigde hem uit voor een zitting om zijn financiële draagkracht nader toe te lichten, maar de betrokkene verscheen niet en stelde geen zekerheid. De kantonrechter gaf een nadere termijn, maar ook toen werd geen zekerheid gesteld.
Het hof oordeelde dat de kantonrechter correct handelde door de betrokkene gelegenheid te bieden zijn draagkracht te onderbouwen en een termijn te geven om zekerheid te stellen. Ondanks onjuiste mededelingen in de zekerheidsbrieven was het voor de betrokkene voldoende duidelijk dat zekerheid vereist was. Het beroep werd terecht niet-ontvankelijk verklaard, waardoor het hof de inhoudelijke bezwaren tegen de sanctie niet kon beoordelen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het beroep wegens het niet stellen van zekerheid binnen de gestelde termijn.