ECLI:NL:GHARL:2019:4298
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Anjewierden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen administratieve sanctie parkeren zonder vergunning op parkeerplaats voor vergunninghouders
In deze zaak is hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep van de betrokkene tegen een administratieve sanctie niet-ontvankelijk had verklaard vanwege een vermeend gebrek aan vertegenwoordigingsbevoegdheid van de gemachtigde. Het hof oordeelt dat de gemachtigde wel bevoegd was en vernietigt de beslissing van de kantonrechter.
Het hof beoordeelt vervolgens het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie en verklaart dit gegrond. De sanctie betreft het parkeren van een voertuig zonder vergunning op een parkeerplaats voor vergunninghouders. Het hof stelt vast dat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder was, zodat de sanctie terecht aan de kentekenhouder is opgelegd.
Verder wijzigt het hof de feitcode en omschrijving van de gedraging om deze in overeenstemming te brengen met het juiste wettelijke kader. De betrokkene wordt niet in zijn belangen geschaad omdat het sanctiebedrag gelijk blijft. Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat de inleidende beschikking niet wordt vernietigd en artikel 8:88 Awb Pro niet van toepassing is.
Het arrest is gewezen door mr. Anjewierden en uitgesproken ter openbare zitting op 20 mei 2019.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de feitcode en omschrijving van de sanctie worden gewijzigd, maar het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.