Uitspraak
De beslissing van de kantonrechter
Het procesverloop
Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Betrokkene stelde bij brief van 6 februari 2018 beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie, waarin hij onder meer aanvoerde dat de verlangde zekerheidstelling in strijd is met de Grondwet. Ondanks herhaalde verzoeken van de griffier om zekerheid te stellen, weigerde betrokkene dit. De kantonrechter behandelde het beroep op 14 september 2018 zonder aanwezigheid van betrokkene en stelde hem alsnog in de gelegenheid zekerheid te stellen.
De kantonrechter verklaarde het beroep op 28 november 2018 niet-ontvankelijk wegens het niet voldoen aan de zekerheidstellingsverplichting. Betrokkene stelde echter op 10 november 2018, dus vóór de eindbeslissing van de kantonrechter, hoger beroep in, wat prematuur was. Het hof oordeelde dat het hoger beroep tegen zowel de eindbeslissing als de tussenbeslissing van de kantonrechter niet-ontvankelijk is, omdat tegen een tussenbeslissing geen hoger beroep mogelijk is en het hoger beroep tegen de eindbeslissing te vroeg was ingediend.
Het hof kon daardoor niet inhoudelijk ingaan op de bezwaren van betrokkene tegen de opgelegde sanctie en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het hoger beroep van betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur beroep en het niet stellen van zekerheid.