Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder van de minderjarige is in hoger beroep gegaan tegen de beslissing van de kinderrechter die toestond dat haar kind langer bij het pleeggezin blijft wonen. De moeder stelt dat zij inmiddels voldoende stabiel is en de zorg voor haar kind aankan, mede door haar deelname aan een Ouder-Kind Behandelgroep (OKB).
De gecertificeerde instelling (GI) stelt echter dat de moeder onvoldoende in staat is om een veilige en stabiele opvoeding te bieden, mede vanwege haar problematische jeugd, financiële problemen en wisselende relaties met huiselijk geweld. De GI wijst op de zorgen die tijdens de OKB naar voren kwamen, zoals het onvermogen van de moeder om signalen van de minderjarige goed te interpreteren en adequaat te reageren.
Het hof oordeelt dat het belang van de minderjarige voorop staat en dat het noodzakelijk is dat zij in het pleeggezin blijft wonen waar zij zich veilig en goed kan ontwikkelen. De hechting aan de pleegouders is inmiddels veilig en het contact met de moeder veroorzaakt spanning bij de minderjarige. Daarom bekrachtigt het hof de beslissing van de kinderrechter om de uithuisplaatsing te verlengen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige bij het pleeggezin tot 11 januari 2020.