Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekers in hoger beroep, verder te noemen: verzoekers of de ouders,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De ouders waren door de kantonrechter ontslagen als bewindvoerders van hun meerderjarige zoon, die sinds 2016 onder bewind staat. De kantonrechter baseerde het ontslag op gewichtige redenen, waaronder het niet tijdig indienen van de rekening en verantwoording over 2017 en het niet verschijnen bij een gesprek met de rechtbank.
In hoger beroep betwistten de ouders het ontslag en verzochten zij hun benoeming te herstellen. Het hof erkent dat de ouders niet tijdig aan hun verplichtingen voldeden, maar neemt mee dat de zoon sinds zijn 21e verjaardag over een eigen inkomen beschikt en dat de ouders inmiddels alsnog de benodigde stukken hebben ingediend. Ook is er geen aanwijzing dat de ouders niet capabel zijn om de financiële belangen van hun zoon te behartigen.
Het hof concludeert dat de ouders zich bewust zijn van hun verplichtingen en dat het belang van de zoon gediend is bij voortzetting van hun bewindvoering. Daarom vernietigt het hof de beschikking van de kantonrechter en herstelt de oorspronkelijke benoeming van de ouders als bewindvoerders.
Uitkomst: Het hof vernietigt het ontslag van de ouders als bewindvoerders en herstelt hun benoeming.