Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 13 augustus 2019 het hoger beroep behandeld tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland die het gezag van de moeder over haar minderjarige kind beëindigde. De moeder betwistte deze beslissing en verzocht om handhaving van haar gezag. De raad voor de kinderbescherming en de gecertificeerde instelling verzochten tot bekrachtiging van de beschikking.
De feiten betreffen een kind dat sinds kort na geboorte uit huis is geplaatst vanwege een zeer zorgelijke opvoedingssituatie met complexe problematiek bij beide ouders, waaronder huiselijk geweld en emotionele onbeschikbaarheid. Het kind verblijft sinds 2017 in een perspectiefbiedend pleeggezin. Uit een forensisch psychologisch/pedagogisch onderzoek blijkt dat de moeder lijdt aan een cluster B-persoonlijkheidsstoornis met borderline kenmerken, waardoor zij onvoldoende in staat is om de opvoeding en verzorging te dragen.
Hoewel de moeder een stabiele relatie heeft sinds begin 2019, is dit onvoldoende om het perspectief van het kind bij haar te herstellen. Het belang van het kind staat voorop, waarbij continuïteit, veiligheid en hechting in het pleeggezin essentieel zijn. Het hof oordeelt dat het gezag van de moeder moet worden beëindigd om de stabiliteit en het perspectief van het kind te waarborgen en bekrachtigt de bestreden beschikking.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de moeder over het kind en bevestigt het perspectief bij de pleegouders.