Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
1.5 Het wrakingsverzoek is ter zitting van 13 augustus 2019 behandeld door de wrakingskamer. Verzoekster is niet verschenen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak diende verzoekster een wrakingsverzoek in tegen mr. A.J. Rietveld, raadsheer van het hof, in het kader van de behandeling van haar hoger beroep in strafzaken. Verzoekster stelde dat er sprake was van partijdigheid en vroeg tevens om aanhouding van de behandeling wegens medische redenen.
De wrakingskamer stelde vast dat het wrakingsverzoek onvoldoende gemotiveerd was en niet voldeed aan de wettelijke eisen. Het verzoek richtte zich feitelijk tegen een rechterlijke tussenbeslissing, welke op zichzelf geen grond voor wraking vormt. Tevens ontbrak een medische verklaring ter onderbouwing van het verzoek om aanhouding, waardoor dit verzoek werd afgewezen.
De wrakingskamer benadrukte dat wraking niet kan worden ingezet als verkapt rechtsmiddel tegen onwelgevallige procesbeslissingen. De motivering van de tussenbeslissing was niet zodanig onbegrijpelijk dat vooringenomenheid kon worden vermoed. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en het onderzoek in beide strafzaken geschorst in afwachting van de beslissing op het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek en het verzoek om aanhouding werden afgewezen wegens gebrek aan motivering en onvoldoende medische onderbouwing.