Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[betrokkene] (hierna: de betrokkene),
De beslissing van de kantonrechter
Het verloop van de procedure
Beoordeling
VR2000,148).
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De betrokkene kreeg een administratieve sanctie van €90 opgelegd wegens het stilstaand parkeren op een plek waar dit verboden was volgens bord E2 RVV 1990, nabij een basisschool in Zeist. De betrokkene stelde dat zij haar kind op een parkeerplaats had afgezet en dat het verbod niet voor die parkeerplaatsen gold. De ambtenaar had de overtreding geconstateerd tijdens een projectmatige actie met waarneming in burgerkleding en een onopvallend voertuig.
De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene gegrond en vernietigde de sanctie, maar verklaarde het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond. Het hof oordeelde dat de ambtenaar wel degelijk direct kon vaststellen wie de bestuurder was en dat er een reële mogelijkheid tot staandehouding was geweest, omdat de bestuurder het voertuig enige tijd had stilgezet zonder obstakel in de doorgang.
Hierdoor was de sanctie ten onrechte aan de kentekenhouder opgelegd in plaats van aan de bestuurder, wat in strijd is met artikel 5 van Pro de Wahv. Het hof vernietigde daarom de beschikking en bepaalde dat het bedrag aan de betrokkene moest worden gerestitueerd. Tevens werd de proceskostenvergoeding van €512,- aan de betrokkene toegekend.
Uitkomst: De beschikking waarbij de sanctie aan de kentekenhouder werd opgelegd is vernietigd en de proceskostenvergoeding van €512,- is toegekend.