Belanghebbende kreeg op 10 december 2018 een naheffingsaanslag parkeerbelasting van €63,80 opgelegd omdat hij zonder te betalen parkeerde in de Elzenstraat te Zwolle, een gebied waar volgens de Verordening parkeerbelasting geldt. Belanghebbende voerde aan dat de kenbaarheid van de parkeerbelasting onvoldoende was, mede omdat borden waren afgedekt en hij geen parkeerautomaat kon vinden.
De heffingsambtenaar handhaafde de aanslag en stelde dat voldoende bebording aanwezig was en dat de parkeerautomaat in de nabijgelegen Larixstraat zichtbaar had moeten zijn. Het Hof oordeelde dat de heffingsambtenaar aan zijn bewijslast had voldaan en dat de borden niet waren afgedekt of omgedraaid. Belanghebbende had onvoldoende onderzoeksplicht betracht, ondanks zijn wandeling van circa 100 meter richting Larixstraat en 10-15 meter richting Esdoornstraat.
Het Hof nam mee dat het bord 'einde P-zone' op ongeveer 10-15 meter afstand over het hoofd was gezien door belanghebbende, wat hem duidelijk had gemaakt dat hij in een betaalzone parkeerde. De omstandigheden zoals drukte door een rouwdienst en slecht weer waren onvoldoende om de onderzoeksplicht te verlichten. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.