ECLI:NL:GHARL:2020:10176
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging sanctiebeschikking wegens ontbreken deugdelijke bebording bij geslotenverklaring
De betrokkene werd gesanctioneerd voor het handelen in strijd met een geslotenverklaring op de Joseph Bechlaan in Maastricht. De sanctie was opgelegd op basis van een overtreding van artikel 62 RVV Pro 1990 in samenhang met bord C12, maar de juiste feitcode bleek R559 te zijn.
De betrokkene voerde aan dat er geen bewijs was dat er ten tijde van de overtreding deugdelijke bebording aanwezig was. De door de ambtenaar overgelegde foto's betroffen herhalingsborden en waren ongedateerd, waardoor niet kon worden vastgesteld dat de bebording op het moment van de overtreding aanwezig was.
Het hof oordeelde dat het dossier onvoldoende bewijs bevat dat het voertuig van de betrokkene het geslotenverklaringbord daadwerkelijk is gepasseerd. De ongedateerde foto's en het ontbreken van een foto waarop het voertuig het bord passeert, maken dat de overtreding niet is komen vast te staan.
Daarom vernietigt het hof de sanctiebeschikking en de beslissing van de kantonrechter, verklaart het beroep gegrond en veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten van € 1050,- aan de betrokkene.
Uitkomst: Het hof vernietigt de sanctiebeschikking wegens onvoldoende bewijs van de aanwezigheid van deugdelijke bebording en verklaart het beroep gegrond.