ECLI:NL:GHARL:2020:1060
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring hof inzake vordering wijziging bijzondere voorwaarden en verwijzing naar rechtbank
De advocaat-generaal vorderde wijziging van bijzondere voorwaarden en verlenging van de proeftijd die waren opgelegd bij een onherroepelijk arrest van het hof uit 2018. Deze vordering was ingediend vóór de inwerkingtreding van de Wet herziening tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen op 1 januari 2020, waarbij artikel 14f (oud) Sr verviel en werd vervangen door artikel 6:6:19 Sv Pro.
Het hof oordeelde dat vanwege het ontbreken van overgangsrecht de nieuwe wettelijke regeling met onmiddellijke werking van toepassing is. Artikel 6:6:1, eerste lid, Sv bepaalt dat de rechter die in eerste aanleg kennis heeft genomen van het strafbare feit bevoegd is om beslissingen te nemen over de tenuitvoerlegging, tenzij anders bepaald.
Omdat het hof niet de instantie is die in eerste aanleg kennis heeft genomen van het strafbare feit, verklaarde het zich onbevoegd om de vordering te behandelen. De omstandigheid dat de vordering vóór 1 januari 2020 was ingediend, doet hieraan niet af. Het hof verwees de zaak daarom naar de rechtbank Noord-Nederland voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het hof verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak naar de rechtbank Noord-Nederland.